Malaria tropica (Plasmodium falciparum)
Adviezen
| Prioriteit | Medicatie | Opmerking |
|---|---|---|
|
Prioriteit: 1e keus |
Medicatie: artemether/lumefantrine po |
Opmerking:
SWAB remarks Dosering: https://www.kinderformularium.nl/geneesmiddel/4378/artemether-lumefantrine |
|
Prioriteit: 2e keus |
Medicatie: atovaquon+proguanil po |
Opmerking:
SWAB remarks Dosering: https://www.kinderformularium.nl/geneesmiddel/98/atovaquonproguanil |
| Prioriteit | Medicatie | Opmerking |
|---|---|---|
|
Prioriteit: 3e keus |
Medicatie: Mefloquine (Lariam®) po |
Opmerking:
SWAB remarks
|
| Prioriteit | Medicatie | Opmerking |
|---|---|---|
|
Prioriteit: 1e keus |
Medicatie: artesunaat iv |
Opmerking:
SWAB remarks Na IV artesunaat altijd aansluitend nog een volledige kuur orale therapie (zie en volg beschrijving ongecompliceerde malaria in tabel hier onder). Dosis: https://www.kinderformularium.nl/geneesmiddel/4377/artesunaat). |
Bronnen
-
Therapierichtlijn Parasitaire infecties 2020.pdf
Therapierichtlijn Parasitaire infecties 2020, Nederlandse Vereniging voor Parasitologie
Antimicrobiële middelen
De volgende antimicrobiele middelen zijn verwerkt in deze adviezen:
- artemether/lumefantrine
- atovaquon+proguanil
- Mefloquine (Lariam®)
- artesunaat
Categorie
Metadata
Swab vid: G-390622.5
Bijgewerkt: 07/07/2026 - 11:18
Status: Published
Algemene opmerkingen
Ernstige malaria tropica:
- Asexuele P. falciparum parasietenindex ≥ 5%
- Asexuele P. falciparum parasietenindex < 5% maar met delingsvormen of met één of meer complicaties (overleg dienstdoende internist tropencentrum)
- Ook: bij brakende patiënt!
NB 1 voor artesunaat is artsenverklaring noodzakelijk
NB 2 parasitemie 2-5% is het grijze gebied. Bij een parasitemie 2-5%, starten met iv artesunaat en indien klinische conditie dit toelaat z.s.m. over op orale antimalaria medicatie.
NB 3 tot enkele weken na het toediening van artesunaat voor ernstige malaria is hemolyse beschreven. Daarom wordt geadviseerd wekelijks te controleren op hemolyse tot minimaal 4 weken na het begin van de behandeling.
Follow-up
Herhaal de dikke druppel op dag 1, 3, en 14 na start therapie voor een bepaling van de parasitemie. Bloedafname voor controle dikke druppel in de ochtend op locatie Utrecht of Zeist. Tevens dikke druppel verrichten op dag 28 na start behandeling i.v.m. risico op recrudenscentie
Tot enkele weken na het toediening van artesunaat voor ernstige malaria is hemolyse beschreven. Daarom is follow-up na behandeling geïndiceerd op dag 8 en 14 na start behandeling i.v.m. risico op hemolytische anemie
Meldingsplichtige ziekte groep C